Vakantiegeld valt lager uit

Het vakantiegeld dat werknemers ontvangen, valt in veel gevallen lager uit dan in 2018. Het vakantiegeld valt lager uit door de snellere afbouw van de arbeidskorting, een belastingvoordeel voor werkenden. Daardoor zitten er verschillen tussen het vakantiegeld van 2018 en van dit jaar. Vooral werknemers met een inkomen van twee en 2,5 keer modaal krijgen minder uitgekeerd.

Belasting betalen


Over het bedrag dat je als werknemer in een jaar verdient moet je inkomstenbelasting betalen. Ook je vakantiegeld is een vorm van inkomen, dus ook over dat deel moet je een taks afdragen. Zelfs wat meer dan over het overige salaris. Hoeveel belasting je moet betalen over je vakantiegeld hangt af van de hoogte van je inkomen. Het vakantiegeld is een extraatje, bovenop je salaris.

Vakantiegeld inleveren


De werknemers die het meeste vakantiegeld inleveren hebben een inkomen van tussen 68.500 en 98.000 euro bruto. Hier is namelijk de belasting over het vakantiegeld 57,75 procent. Concreet betekend dit dat een werknemer die twee keer modaal verdient, 117 euro meer belasting over het vakantiegeld betaald. Bij 2,5 keer modaal is dat zelfs 147 euro extra.

Modaal salaris worden minder geraakt


Verdien je als werknemers een modaal salaris, dan wordt je minimaal geraakt. Het scheelt netto 3 euro minder vakantiegeld. Bij een inkomen van anderhalf keer modaal is dat 5 euro.

Erop vooruit gaan


Voor een groot deel van de werknemers valt het vakantiegeld lager uit, maar er is ook groep die erop vooruit gaat. Dit zijn werknemers die drie keer modaal verdienen. Zij gaan er flink op vooruit en ontvangen 304 euro extra.

Regelingen


Tegenwoordig wordt er bij steeds meer bedrijven de uitkering van vakantiegeld vervangen door andere regelingen. Zo kiezen sommige bedrijven voor een zogenaamd keuzebudget, dat een werknemer naar eigen inzicht kan laten uitbetalen of belastingvrij aan een studie of cursus kan besteden.